Thailand - Tsunami

 

Zondag 26 december - Dag 874 - Nai Harn - Phuket - Thailand

14.00h

Het restaurant van Ao Sane is weggespoeld. Ons restaurant bestaat niet meer. Gedaan ermee.

De winkel waar een stapel kleren op ons ligt te wachten is verleden tijd. De hele rij restaurants ernaast: simpelweg weggeveegd. Autowrakken liggen als achtergelaten speelgoed rondgestrooid op het strand. Honderden en honderden strandstoelen drijven in de baai. En dat is nog maar wat we vanop Mercator kunnen zien. Een natuurramp heeft Nai Harn zwaar getroffen.

Een Tsunami. Op onze teller staat een golf van zeven meter hoogte.

Een helikopter vliegt over. Een vliegtuig van het leger cirkelt rond.

Volgens de laatste berichten die uit de kolkende boordradio komen werd de schokgolf opgewekt door twee enorme aardbevingen tussen Sumatra de Nicobareilanden. We kennen nog niet de hele omvang van de ramp, maar afgaande op wat wij gezien hebben moet de ravage onvoorstelbaar zijn. Heel de kuststrook van Phuket moet een vreselijk oplawaai gekregen hebben, ook Sumatra, en misschien wel de hele lengte van de Straat van Malakka: van hier tot Singapore. Onvoorstelbaar.

Mercator drijft nu een mijltje buiten Nai Harn-baai. Wij zijn ongedeerd, maar diep geschokt.

Hoe begon het? Rustig. Wanneer? Kwart voor negen. Els, Luna en ik ontbeten in de kuip - stralend zonnetje, zalvend briesje - toen de jachten in de baai zich opeens erg vreemd gedroegen. Ze begonnen wild rond hun ketting te dansen. De ene naar hier, de andere juist een andere richting uit. En wat een stroming! Toen hoorden we geschreeuw. En pas dan merkten we wat er aan de hand was. Het water was opeens verbluffend gestegen. Van het grote strand van Nai Harn spoelden tafels en stoelen en parasols weg. Bij ons strandje van Ao Sane zagen we dat twee auto's op drift waren. Eén reuzengolf was - traag als een bulldozer - over het strand en de lagere plaatsen daarachter gerold.

(Volgens onze data logs zàkte het zeeniveau eerst enkele meters. Pas uit die diepte kwam een berg van zes meter gegroeid. Vreemd. Alsof de ramp een aanloop nam.)

Eerst heerste erg veel verwarring. Enkele jachten vluchtten onmiddellijk weg. De rest wist niet wat te doen. Will en ik sprongen in zijn dinghy om te zien of we ergens konden helpen. Misschien waren mensen in het water gesleurd. Misschien was iemand gewond. We gingen aan land bij Ao Sane, sleepten en passant enkele dinghy's mee die losgekomen waren. Alle meubels waren uit het restaurant gespoeld en de vele motorfietsjes die er altijd staan lagen als door een reuzenhand over en onder elkaar gestrooid. Een auto was op een dinghy beland. En het personeel, onze vrienden intussen, stond te jammeren en stilletjes te huilen.

Daar konden we niet onmiddellijk iets doen, dus sprongen Will en ik terug in zijn rubberbootje.

Gelukkig maar.

We begonnen in het water voor het hoofdstrand wat strandstoelen, ijsbakken en matrassen uit het water te plukken. Omdat we daarmee bezig waren gingen we niet meteen aan land.

Gelukkig maar.

Want toen kwam de grote golf eraan. De verwoester. Will en ik, wij zagen hem komen. Neen: groeien. Meer dan zeven meter boven het laagste peil van daarnet. We werden hoog omhoog gehoffen. Nog hoger. Erg hoog. Hoger dan het land. En dan... Bwwoooeeeffff... Op het strand zagen we tientallen en tientallen mensen die de ravage al aan het opruimen waren voor de kolossale massa water uitvluchten, als in een dure Amerikaanse rampenfilm. Sommigen werden gegrepen. De muur van water stuwde alles voor zich uit. Eerst hoorden en zagen we de strandtenten verwoest worden, dan kraakten de struiken en bomen hogerop het strand, daarna het knarsen van metaal van auto's die meegesleurd werden, een ontploffing, het breken van glas en van huizen. En door dat alles heen het paniekerige schreeuwen van mensen die renden voor hun leven, die omver geduwd werden, die zich vastgrepen om niet terug meegesleurd te worden.

Will en ik waren de enigen die zo dicht bij het strand waren. Terwijl hij als een gek stuurde om ons uit de reuzenbranding te houden, ging ik rechtop staan om eventuele slachtoffers in het water te spotten. Maar als bij wonder leek het dat niemand meegesleurd was naar de open zee. Er dreef alleen een dik tapijt van rommel, afval, stoelen, tafels, ijsboxen, kano's, struiken, surfboards, bomen, parasols, strandtenten...

Zodra we er zeker van waren dat er niemand in het water beland was, haastten we ons terug naar onze jachten. Lagen ze er nog wel? Ja. En we vonden er Luna die helemaal over haar toeren stond te tieren en te schreeuwen. "Papa! Maar papa toch! Papa! Ik heb het gezien! Ik heb het gezien! Papa!" Zij had de laatste golf door de verrekijker op en over het strand zien beuken en dacht dat haar vader erdoor gegrepen was.

Het is die tweede golf die ook Ao Sane heeft verwoest.

Toen kalmeerde het wat. Er kwamen nog steeds enorme golven binnenschuiven - neen, het waren geen golven maar heuvels die onder ons door gleden zonder ons te doen slingeren of zo -, maar ze werden minder hoog. Toch vluchtten steeds meer boten naar de open zee. Brandamajo en Mercator bleven echter aan hun anker hangen. Intussen waren de mensen op het land van bij het strand weggevlucht en -gejaagd. En daardoor... de stilte... Geen geschreeuw meer. Geen mensen meer te zien. Alleen het gorgelen van een zee die nu verbijsterend laag wegtrok, lager, steeds lager, meters onder het normale laagste niveau. Het was angstaanjagend om opeens rotsen te zien blootliggen die vast en zeker in geen eeuw boven water gekomen waren.

En dan weer omhoog. Traag. Imposant. Maar steeds minder hoog.

Toen begon het overleg. Van alle kanten kwam informatie binnen. Een aardbeving. Bij Sumatra. Het ergste kan nog komen. Er komt meer. En erger. Misschien.

Wij stopten met het verzamelen van zoveel mogelijk strandstoelen en -kussens die voorbij dreven, beleefden nog even de paniek mee toen een drijvend lijk gespot werd dat al gauw een etalagepop bleek te zijn, trokken ons anker los en dobberen nu een eind buiten de baai. Misschien gebeurt er niets meer. Misschien wel. Mocht er een nog grotere golf aankomen, zou de terugslag ervan ons in de baai kunnen lostrekken en meesleuren, daarom kozen we meer diepte onder onze kiel en de open zee.

De boordradio staat gloeiend heet. We worden overspoeld door informatie die geen informatie is. Iedereen weet alles, niemand weet iets. Dokters en chirurgen worden gevraagd aan land te gaan.

---

18.00h

We liggen al een tijd terug voor anker op onze oude plaats. Nu pas begint de omvang van de ramp helemaal door te sijpelen. Blijkbaar is wat gebeurd is hoofdnieuws op zenders als BBC en CNN en strekt de verwoesting zich uit tot Sri Lanka en de Malediven die extra zwaar getroffen zijn. Honderden doden. Per viavia-bericht zijn het er meer. Volgens het laatste nieuws zijn al veertig lijken geborgen op Phuket maar blijven vele mensen vermist, naar verluidt ook honderden duikers die op boten zaten rond de Similaneilanden, waar wij vorige week nog waren. In Ao Chalong (waar we al enkele keren gaan liggen zijn) zijn jachten op het strand gegooid. Patong is helemaal afgesloten.

We belden Els' ouders om ze gerust te stellen en kregen een dolgelukkige vader aan de lijn met in de achtergrond een moeder die met luide uithalen huilde. Dus stuurden we maar wat tekstberichtjes rond. Ik kan me voorstellen dat de wereld meer informatie over de ramp heeft dan wij die er middenin zitten.

Met Will en Steve ben ik aan land geweest maar er is weinig wat we konden doen, de ravage is te groot. Alles is verwoest, alleen de auto van Chai die de tegenwoordigheid van geest had om die aan een dikke boom te binden na de eerste golf, ligt niet op het strand. De meeste Thais blijven op hogergelegen plaatsen afwachten op wat misschien nog komen kan.

In Nai Harn, aan de andere kant van de baai, is het al even verschrikkelijk. De kleermaker waar wij een enorme bestelling hebben liggen is nu een hoop puin. Ik kwam een vrouw tegen die strandstoelen aan het sprokkelen was en ik zei dat heel wat jachten stoelen hadden opgevist. Het lieve mens was formidabel. Ze dankte mij uitvoerig en zei: "Gisteren hadden we zo veel volk dat we vanmorgen extra stoelen hadden uitgezet. Gelukkig heeft de golf ons niet enkele uren later overspoeld. Die stoelen kunnen we opnieuw kopen, toeristen kun je niet vervangen." Toen ik weg wandelde riep ze me achterna: "Good luck, sir!" Ik? Good luck nodig? De vrouw raamde haar verlies op een half miljoen bath. Een fortuin, hier. En ze was niet verzekerd. Niemand is verzekerd.

De zee doet nog steeds vreemd. Het niveau stijgt en daalt alsmaar. ('Tidal wave' is daarom een beter woord dan 'shock wave'.) Het wordt avond. Er hangt een onwezenlijke sfeer over Nai Harn. Geen geluid. Geen lichtjes.

---

Midden in de nacht.

We krijgen de slaap niet te pakken. Elke keer Els en ik onze boeken aan de kant leggen, knippen we een paar minuten later met een zucht ons leeslampje weer aan. Zodra we onze ogen sluiten worden we gebombardeerd met beelden. Die jongen die zich op de vlucht voor het water een baan door struiken klauwde, de blik in Sabine's ogen toen ze met haar dinghy langsvoer na de eerste golf, het gezicht van mijn dochter die dacht dat haar papa dood was...

Het rare is dat je niet beseft dat er een natuurramp aan de gang is als je midden in die natuurramp zit. Ik bedoel, Will en ik werden vlakbij het strand door die enorme golf omhoog getild, wij zagen die mensen rennen voor hun leven, wij hoorden het geluid van de verwoesting, en zelfs dan... Zelfs dan was het eigenlijk nog vooral een spannend avontuur.

Het is pas later dat je een mentale mokerslag krijgt. Als je probeert te slapen, bijvoorbeeld.

(Terwijl ik dit laatste schreef begon Els in bed te huilen. "Het is niet eerlijk", snikte ze, "Al die dode mensen. En wij op ons dure jacht zijn weer eens de gelukzakken. Wie het minste tegenslag verdient heeft weeral de volle laag gekregen. Neem nu die mensen van die strandrestaurantjes waar we vorige week met Jan en Lien gaan eten zijn, die waren zò vriendelijk. Zò blij dat ze klanten hadden. En nu hebben die niéts meer. Misschien leven ze zelfs niet meer...)

---

Nog meer midden in de nacht.

De VRT-radionieuwsdienst belt ons wakker. Wij kunnen hen geen nieuwe informatie geven. Zij ons wel. Elfduizend doden al. Een aardbeving van 8,9 op de schaal van Richter. Fuck, fuck, fuck.

   

 

Maandag 27 december - Dag 875 - Nai Harn - Phuket - Thailand

14.00 h

Rond vier, vijf uur vanmorgen lagen we nog steeds wakker. Ik zei tegen Els: "Ik ben jaloers op mensen die een God hebben tot wie ze kunnen bidden. Ik wil altijd maar iets of iemand vragen voor de slachtoffers te zorgen, iemand smeken die mensen van nog groter onheil te sparen." Els draaide zich om en zei: "Weet je wat? Ik héb al gebeden." Ik heb haar eens goed geknuffeld. Geen van ons beiden is gelovig, nota bene. Blijkbaar is God een glijmiddel voor mensen die het niet allemaal kunnen vatten.

"All finish", zei de jongen van het naaiatelier die je ook op de foto van 9 en 10 december ziet. Hij stond tussen het puin van zijn shop en glimlachte. Ik viste een druipende broek uit een kluwen kleren. Nee, da's de jouwe niet zei hij, en om daar zeker van te zijn hield hij de natte lap even tegen mijn heupen. Zoals hij gewend is te doen.

Het gezicht van de manager van het Meridien Hotel was erg geschonden. Maar hij bedankte me uitvoerig omdat wij intussen zo'n twintig manshoge gasflessen hadden verzameld. "Stel je voor dat een jacht daartegen zou varen!", zei hij. Hoe komt het toch dat slachtoffers meer aan andere mensen denken dan aan zichzelf?

En opeens weer die snerpende fluitjes die we gisteren ook hoorden. Paniek! Er komt weer een golf aan! Allemaal vluchten! Ik sleurde Luna mee op de trappen van het hotel, keerde dan terug om de golf te zien komen. Luna was boos omdat ze niet met me mee mocht. Zij is als haar vader: meer nieuwsgierig dan bang.

---

21.30 h

Misschien herkennen mensen die in de oorlog bombardementen hebben meegemaakt de sfeer. Daarnet zaten we met ons clubje bij volle maan aan een tafel die temidden het min of meer opgeruimde puin van Ao Sane stond. Het herbruikbare hout lag op één stapel, op andere stapels de golfplaten, de betonbrokken, het afval, het metaal... Enkele grote vuren met brandbaar puin verlichtten het tafereel. Onze Thaise vrienden hadden kippen gekocht en een barbecue geïmproviseerd met een rooster dat ze uit het puin hadden geplukt en met afvalhout. De flessen bier die niet gebroken waren werden gedeeld. Het was... Gezellig, warm, deugddoend.

Niemand heeft vandaag harder gewerkt dan Els. Ze sleurde verwoed met ijskasten en balken, verzamelde gebroken glas en sorteerde cementstenen, hield het vuur gaande waarop het afval en het rottend vlees verbrand werd. Het was alsof ze in haar eentje het rampgebied op orde wilde zetten. Ongelooflijk. Heel wat andere yachties hielpen ook keihard mee. "Veel toeristen hebben van hun strandvakantie een werkvakantie gemaakt", zei ik tegen de reporter van Voor de Dag op Radio 1. Het was hartverwarmend. Tussen de restanten van Ao Sane zwoegden minstens evenveel Westerse als Thaise mensen.

En die Thaise mensen... Niet één keer verloren ze hun goed humeur. Niet één keer werd over tegenslag geklaagd, niet één keer werd gejammerd over het feit dat zelfs de kassa mee weggespoeld was. Er werden grappen gemaakt, er werd gegist hoe snel het restaurant weer recht kon staan. De mensen die van Nai Harn kwamen om de berg strandstoelen en - kussens op te halen die yachties uit het water geplukt hadden bedankten ons met een glimlach waarbij hun mondhoeken bijna scheurden. De 'manager', Chai, gaf pas 's avonds toe dat hij 's middags gehuild had toen hij zag hoe zijn klanten hem aan het helpen waren.

'Solidariteit' is een woord dat leefde vandaag.

"Het was een mooie dag", zei Els daarnet tegen Luna die ook de hele dag geholpen heeft. En ja, het is waar, midden in de hartsverscheurende ravage van een wereldramp was het een mooie dag.

---

En dan heb je de verhalen, het nieuws. In de Emerald Cave, waarin wij laatst met Will en Fiona peddelden, zijn naar verluidt tachtig mensen gedood. In Ko Hong, waar we met Lien naartoe gingen, zouden ook een twintigtal mensen door het stuwende water in een grot verpletterd zijn. De hele toeristische zone van het eiland Phi Phi Don, waar we met Herman aan tafel zaten, schijnt weggeveegd te zijn. Twee jachthavens in Langhkawi zijn verwoest, talloze jachten zijn er total loss. Glenn en zijn nichtje Christie dat op bezoek is, werden twee keer door een golf meegesleurd. Bij de eerste werden ze in een boetiek tegen de muur gekwakt, bij de tweede vluchtten ze alle twee in een boom. Er zat ook een vrouw in monokini en string in die boom, lacht Christie, "She had quite a bit of bark up her ass."

   

 

Dinsdag 28 december - Dag 876 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Heerlijk geradbraakt. Els en ik hebben weer gezwoegd tot we niet meer konden bewegen. Ik geef toe: ik ben dat niet gewend. Maar het doet deugd.

Een mens kan ongelooflijke klappen incasseren en toch terug rechtkrabbelen. Dat bewijst het Thaise volk. De veerkracht van onze vrienden van Ao Sane is adembenemend.

Toen we vanmorgen bij 'onze' puinhoop kwamen - neen, vanaf nu is het een bouwwerf! - toen we vanochtend bij de bouwwerf kwamen stonden er al paaltjes en planken getimmerd rond de betonvloer waar enkele dagen geleden nog het restaurant op stond, met daartussen touwtjes gespannen die toonden waar het nieuwe gebouw zou komen. Onwaarschijnlijk maar waar. Het personeel van Ao Sane had vrijwel de hele nacht doorgewerkt.

En dan... Godver, soms is de wereld toch een wondermooie plaats. Soms ben ik trots dat ik een mens ben.

De heropbouw is begonnen. Vol gas. Geen gezever. Heel wat toeristen die de bungalows van Ao Sane huren en heel wat yachties hebben hun medeleven omgezet in pure harde onvervalste arbeid. De vakantie van velen werd zo een keihard werkkamp, maar niemand die kloeg. Tonnen puin werden geruimd, bergen afval weggevoerd, diepe gaten in de betonvloer geklopt en gegraven, loodzware betonnen palen aangesleept, cement gemaakt, emmers met die cement versleept... Niets was één iemand teveel.

Els moest overigens bijna aan de leiband. Nadat ze zich gisteren halfkreupel gewerkt had, was iedereen zo bezorgd dat ze nog alleen 'vrouwelijkere' dingen mocht doen, zoals de berg keukengerei afwassen of rommel bij elkaar harken. Toch zagen we haar weer de hele tijd stiekem met kruiwagens sleuren, brokken beton wegdragen, etc... Toen ze 's avonds een schop pakte om het cement te helpen mixen, kreeg ze het hele werkerscollectief over haar heen. "Afblijven Els! Ga wég! Doe iets ànders! Jij hebt genoég gedaan!"

Mooi: de baas van de werf was een oude Thai. Een oude Thai die opdracht geeft aan een dertigtal westerlingen. Mooi: de vrouwen van Ao Sane hadden onder een boom een keuken geïmproviseerd, op houten vuren, met daarnaast de refter in open lucht. Elke Thai die van het binnenland kwam kijken bracht eten en drinken mee. De sfeer was van goud met edelstenen belegd. Mooi: op het grote strand van Nai Harn stonden vanmorgen heel wat toeristen in bikini afval samen te harken. Mooi: ik sprak onze kleermaker, we stonden naast het puin van zijn shop. Hij wil mijn maatpakken opnieuw maken. Hij wil niet dat ik hem zomaar mijn voorschot van 9.000 oude Belgische franken kwijtscheld.

Vreselijk: het lijk van de mevrouw van de superette werd vanonder het puin gehaald toen ik er net langskwam.

En nu... Nu is het tien uur 's avonds. Wij gaan naar bed. Tegen morgen zullen de palen die het dak van het restaurant moeten dragen allemaal rechtstaan. Over enkele dagen ligt het dak erop. Ongelooflijk. Prachtig.

---

De rest van het nieuws kennen jullie al. Beter dan wij. Kao Lak, waar we met Jan en Lien waren, is radikaal van de wereld geveegd. Niets staat daar nog recht, wordt gezegd. Vierhonderd doden, honderden doden in het Sofitel Magic Lagoon Resort alleen al. Daar zouden wij vast en zeker omgekomen zijn. En op heel wat andere plaatsen waar we laatst waren.

Wij gooien intussen heel onze planning om. We zouden normaal al vertrokken zijn naar de Andamaneilanden. Maar die zijn ook erg hard getroffen. En er is werk aan de winkel, hier.

   

 

Woensdag 29 december - Dag 877 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Luna begint de dag met een oproep naar alle jachten in de baai. Zij gaat vandaag op het strand kleren en schoenen inzamelen. “Bloed inzamelen kan ik niet”, zegt ze in haar mooie Engels, “Daarvoor zullen jullie naar het ziekenhuis moeten gaan.”

Els en Fiona, die 's nachts geland is, vallen elkaar in de armen en ze beginnen alle twee te huilen, te huilen, te huilen en te huilen. Tranen met tuiten.

Misschien huilt mijn vrouw omdat ze haar gezin zo verwaarloost. Het is al dagen geleden dat Luna en ik nog een ontbijt kregen. Er is gewoon géén eten meer aan boord. Niets. En inkopen worden niet gedaan, o nee, onze steun en toeverlaat heeft andere hulpbehoevenden gevonden. Maar als we 's ochtends vroeg aan land komen staat de rijstpap gelukkig al gereed. De vrouwen van de buitenluchtkeuken maken zelfs op hun houtvuur heerlijk eten.

Ikzelf zit vandaag het grootste deel van de dag in het cybercafé. Dat is de enige plaats waar ik in alle onrust een stuk voor Flair erdoor kan jagen terwijl ik boekhouder speel. Ik heb een geldinzameling in gang gezet en die loopt als een trein.

Als ik in de late namiddag terug op de werf kom kan ik mijn ogen niet geloven. Het raamwerk van het restaurant staat er al. Man, man, man, hier wordt echt aan de toekomst van Thailand gewerkt. Samengewerkt. Machtig om te zien.

Zestigduizend doden intussen al. Het is zo absurd abstract, zo absoluut ongrijpbaar, dat je alleen maar je eigen kleine lapje van de wereld beter kan proberen beter te maken. Wij durven niet verder te kijken dan de baai van Nai Harn.

Op die gedachte verder bordurend... We vergaderen veel over wat we met het geld gaan doen. In ons/jullie commité zitten Thaise mensen, Will en Fiona en Els en Steve, en een Duitser die hier al twintig jaar komt en de situatie erg goed kent. Samen zoeken uit wie - na de mensen van Ao Sane want voor hen heb ik jullie gemobiliseerd - wie - alleen in Nai Harn want je moet het overzichtelijk houden - wie het meeste onmiddellijke en rechtstreekse noodhulp nodig heeft. Moeilijk.

"En die duizenden andere mensen dan?", zucht Els. Het is afgrijselijk om opeens zoveel geld te kunnen verdelen. Je ziel gaat ervan scheuren. Altijd doe je honderdduizenden mensen tekort. Overal is er onbeschrijfelijke ellende. Waarom dan dat ene restaurant? Waarom die ene baai, waarom slechts die paar mensen?

Welnu.

Omdat wij niet het Rode Kruis of Artsen Zonder Grensen zijn. Omdat wij met ons machtig grote kleine bedragje slechts een paar tientallen slachtoffers heel concreet kunnen en willen helpen. Zodat jij en jij en jij voor de rest van je leven zal kunnen zeggen: die golfplaat op dat dak van Ao Sane, die heb ìk betaald. Die tafel waaraan toeristen geld uitgeven, die is van mìj. En dankzij die tafel en die golfplaat kunnen heel wat Thaise mensen in Ao Sane blijven werken en zo heel wat mensen in leven houden. Daarom.

En nu we het budget voor Ao Sane al rond hebben en de rest van de baai bestuderen... Misschien wordt volgend seizoen een Deense toeriste gemasseerd op een massagetafel die jij hebt betaald. Misschien koop jijzelf hier ooit een rokje dat op een naaimachine werd gemaakt die van jouw rekening is gegaan. Misschien betalen hier straks toeristen een pils uit een koelkast waarvoor jij een jurkje minder hebt gekocht. Nu zijn die massagetafel, die naaimachine en die koelkast verwoest. En ze waren nooit verzekerd. Maar als ze er terug zullen staan, dan is dit kleine hoekje van deze grote wereld weer een plaats die heel wat Thaise mensen een inkomen geeft. Daarom.

Ik hoop dat ik vannacht kan slapen. 's Nachts doe ik geen oog dicht. Zo'n tsunami, dat sloopt een mens.

Ik wil nog gauw een keer benadrukken hoe zelfs in deze hel de wereld een hemelse plaats kan zijn. Als we maar willen samenwerken. Bekijk de foto's maar.

   

 

Donderdag 30 december - Dag 878 - Nai Harn - Phuket - Thailand

De golfplaten zijn op het dak van Ao Sane gelegd. Intussen sloeg een tweede tsunami toe. Een golf van geld die vanuit de Lage Landen kwam gespoeld, met name.

"Dit gebouw en de inboedel ervan zijn al door mijn vrienden uit België en Nederland betaald", kon ik met onverholen trots tegen de reporter van de Zweedse televisie zeggen terwijl ik naar de werken achter me wees, waar nog steeds westerse toeristen en zeilers samen met Thaise mensen een wonder aan het verrichten zijn.

Dat van die tsunami is natuurlijk een ongepaste grap, maar mijn hersenen beginnen op appelmoes te gelijken. Ook gisterennacht kon ik de slaap niet te pakken krijgen, hoe ik er ook jacht op maakte. En van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat jakkeren wij onszelf af. Noem het gerust een therapie, een vlucht uit de werkelijkheid. Zo zei ik het ook tegen de reporter van de Nederlandse radio-omroep Radio 1.

Els was een beetje boos over mijn interview. "Je stelt het veel heldhaftiger voor dan het is", zegt ze, "Ik wil niet dat mensen ons bewonderen voor wat wij doen." Ze heeft intussen ook enkele van de zeshonderd mails van de voorbije dagen gelezen. "Het is toch maar normààl dat wij helpen? Wat moeten wij doen? Een boekje lezen op ons boot? Ik zou dat niet kunnen. Ik vind het eigenlijk erg aangenaam om daar een beetje te werken." Ze zegt ook niet erg geschokt te zijn. "Misschien is het omdat ik nog geen beelden gezien heb of omdat wij in onze baai blijven. Maar eigenlijk vind ik dat ik gewoon maar een beetje rommel aan het opruimen ben van een golf die te hoog was."

Ik zweer het je. Die krijgt nog een klap.

Vandaag vluchtten we nog één keer op de heuvel rond Ao Sane. Er komt een golf aan! De angst zit er nog diep in. Het was loos alarm. Alweer.

Vanmorgen vergaderde ik met de burgemeester van Rawai, waartoe Nai Harn behoort. Hij lijkt me een erg betrouwbare lieve man. Voor het stadhuis heeft hij in de openlucht een tafel gezet waar iedereen hem uit de doeken kan doen hoe hard de ramp bij hem of haar heeft toegeslaan. Die man helpt ons een lijst samen te stellen van meest getroffen kleine onderneminkjes in Nai Harn. Ik heb de indruk dat hij begreep wat wij willen: kleine bedrijfjes waarvan heel wat mensen afhankelijk zijn heropstarten.

Het zal moeilijker zijn ons geld te verdelen dan het te verzamelen. Waarmee ik bedoel dat we geen fouten willen maken en het project willen opvolgen tot de laatste cent juist besteed is.

Ik wil morgen spijkers met koppen slaan. Straks zal ik de inzameling afsluiten en op oudejaarsavond is het dan aan mij om beloftes te maken. Met andermans geld. Heerlijk.

Anderzijds. Luna vroeg: "Hoe lang moet je tellen om aan tachtigduizend te geraken?" Ik antwoordde: "En hoeveel doosjes zou je kunnen vullen met tachtigduizend lucifers?" Dat is het probleem van deze ramp. We proberen het met dat kleine brein van ons te vatten maar ook al verzinnen we trucjes om de werkelijkheid te meten, we komen er gewoon niet uit. Zes doden onder het puin hier in Nai Harn, daar kun je je iets bij voorstellen. Maar tachtigduizend lijken en miljoenen slachtoffers, dat is abstract. En daarom is ons kleine baaitje zo handig. We bouwen een zandkasteeltje in een hoekje van het puin van de Twin Towers en dat doet deugd.

En nu naar bed. Het is weer midden in de nacht. Slapen lukt me nog steeds niet. Els weet gelukkig weer hoe het moet.

   

 

Vrijdag 31 december - Dag 879 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Jullie zouden het moeten zien. Echt waar, jullie zouden allemaal naar hier moeten kunnen komen.

Het is vijf uur. De scampi worden op stokjes gestoken, de ijsbakken worden met drank gevuld, een ferme tonijn zal straks op de barbecue liggen, de hele dag al is een team van wel tien koks een feestmaal aan het voorbereiden.

Intussen wordt de bar gemetseld, worden de zeewering en het terras verder afgewerkt, is het overal waar je kijkt nog steeds een bedrijvigheid van jewelste... Je had Fiona met kruiwagens vol aarde zien sleuren. Je had Els cement moeten zien mengen. (We slagen er niet in haar dat te verbieden.)

Neen. Het restaurant is nog niet af. O nee. Het is nog een werf en er kunnen nog geen toeristen bediend worden. Maar het stààt er al. Snap je?

En vanavond gaan wij daar oudejaar vieren. Vijf dagen nadat Ao Sane van de aardbodem verdween.

De VRT komt. Ik zal eerst een minuut stilte vragen. Chai vroeg of ik dat zeker niet wilde vergeten. En dan deel ik financiële beloftes uit voor tweemiljoenzevenhonderdvijftigduizend baht.

2.750.000 Baht.

Gelukkig nieuwjaar.

---

Een uur later...

Ik kreeg net een SMS van mijn zusje. Ik heb verkeerd opgeteld. Een belofte van 50 blijkt een belofte van 50.000 Euro te zijn. Woeps. Foutje. We kunnen vijfenhalfmiljoen Baht verdelen.

Gelukkig nieuwjaar? Nogal.

   

 

Zaterdag 1 januari - Dag 880 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Ik word wakker met een kater. Die komt niet zozeer van de drank, integendeel, het lijkt meer op een postnatale depressie.

Ik weet niet. Het is de terugslag denk ik. Wie uit een drugroes komt stort ook altijd in een dip.

Die hele geldinzameling die door het dak geschoten is en waar ik gisteren nog van blijdschap om stond te janken, zadelt me op met een enorme verantwoordelijkheid waar ik eigenlijk niet om gevraagd heb. Hoe raar dat ook moge klinken uit de pen van iemand die het allemaal in gang gestoken heeft. Maar als die tsunami er niet geweest was, dan had ik gisterenavond oudejaar gevierd op de open oceaan, rustig in mijn eentje met vrouw en kind. Meer vroeg ik niet.

En nu komt dinsdag een ploeg van 'Reporters' (VTM) overvliegen om een reportage te maken over ons. Zij brengen gelijk die 105.000 Euro cash mee omdat overschrijven twee weken zou duren. Dat bedrag is meer dan fantastisch natuurlijk en VTM is erg welkom omdat wij een positieve boodschap over dit kleine hoekje van de wereld willen uitzenden en omdat wij willen dat toeristen terugkomen. Als die wegblijven is dat een tweede ramp. Maar ik heb hier nooit naar verlangd, niet naar die tsunami, niet naar dat geld, niet naar VTM.

En kijk. Opeens zit ik dus met een kleine vijfenhalfmiljoen Baht opgezadeld. Fantastisch. Maar ook een beetje: oeioeioei, waar ben ik nu aan begonnen?

"Moést dat nu, die televisie?", vroeg mijn beste maatje Will gisterennacht nadat ik drie blaadjes papier had uitgedeeld waarop beloftes stonden voor 2.585.000 Baht. (Over wat ik met de andere driemiljoen of zo doe moet ik nog nadenken.) Het VRT-journaal had dat gefilmd en dat was een beetje in het verkeerde keelgat geschoten van mijn hardst werkende vrienden. Terwijl ik alleen maar veel ruchtbaarheid aan onze inzameling wil geven opdat iedereen in de baai goed zou horen dat er cash te verdelen is, hoeveel dat is en naar wie dat gaat. Open boekhouding, noemen ze dat. Publieke controle. En waarom ik graag de televisie erbij wil, dat staat in de vorige allinea. Ik wil gewoon tonen dat ook in de hel de zon kan schijnen.

"En ik dan?", kloeg een seconde na mijn speech de Duitse eigenaar van een duikschool die op het randje van het failliet staat nu al zijn boekingen geannuleerd werden. "Ga je omgekeerd racisme doen en alleen de Thai helpen en niet de falang (vreemdelingen)?" Ik zei: "Ik zal erover nadenken", en alleen al door zo'n zinnetje te gebruiken voelde ik me een klootzak. Ik ben opeens de man met het geld, dus met de macht.

En van het thuisfront krijg ik al opmerkingen als "Waarom verzamel je geld voor restaurants, boetiekjes en strandstoelverhuurders als er miljoenen mensen geen drinkwater of een dak boven hun hoofd meer hebben? Zou je dat geld niet beter aan dringende noodhulp geven?" Terwijl ik het gevoel heb dat ik dat toch al uitgelegd heb: ons beetje hulp aan verwoeste businessjes is veel hulp aan een heel netwerk van noodlijdende mensen. Kijk, wij doen binnen een straal van driehonderd meter alles wat wij kunnen. Duizenden kilometer buiten onze kleine cirkel is de ellende onmetelijk maar daar kan ikzelf nu niets betekenen. Dus ja, alsjeblieft, geef vanaf nu vooral veel geld aan de grote organisaties. Hun horizon is veel breder. Maar ik heb met m'n eigen ogen gezien dat Ao Sane en Nai Harn weggeveegd werden en ik vond dat zo érg voor die mensen dat ik dacht 'Misschien kan ik daar iets aan doen.' Andere toeristen begonnen zich kapot te werken, ik heb dat ook twee dagen gedaan maar kroop dan achter mijn laptop. Geld inzamelen, dacht ik.

Wat die dringende noodhulp betreft terwijl wij slechts een gebouwtje rechtzetten. Vanmorgen rond twee uur toonde Erik, de cameraman van de VRT, ons door de zoeker van zijn camera de reportage die Peter Verlinden pas over Kao Lak gemonteerd had. Els, die hier al dagen als een paard zwoegt, stortte helemaal in. Ze heeft gehuild, gehuild en gehuild. Snap je? Wij kénnen de ramp niet. Wij weten véél minder dan jullie, hebben géén beelden gezien. En dan opeens wordt mijn liefste geconfronteerd met iets wat jullie al gewend worden: een hotel (waar wij toevallig onlangs tien dagen lang waren) is verwoest. Bijna alle mensen zijn er dood. Wijzelf zijn op een haartje na aan de dood ontsnapt. Fuck, denk je dat wij dat allemaal niet erg vinden? Daag me maar uit.

Dus ja, wij geven om meer dan alleen Ao Sane en Nai Harn. Maar dit is nu even de kleine wereld die wij erg concreet kunnen helpen.

Twee dagen geleden al voorspelde Guillaume de toekomst. Hij zei: "Jongen, jij zal meer geld inzamelen dan je hoopt. Maar je zal er ook meer problemen mee krijgen dan je denkt. Zowel zij die geven als zij die krijgen zullen je in de gaten houden. En van alle kanten mag je kritiek, gezeur, commentaar en betweterij verwachten."

Maar ach? Wat zit ik hier te emmeren? Het is waanzinnig formidabel natuurlijk. Jullie die gestort hebben, hebben er letterlijk voor gezorgd dat ik élk getroffen en noodlijdend bedrijfje in de baai van Nai Harn een ferm startkapitaaltje kan geven. Dat is te mooi voor woorden. Verdomme, het is toch waar?, concretere en rechtstreeksere hulp kan ikzelf niet verzinnen. En 100% van jullie geld komt 100% procent terecht bij mensen die het 1000% nodig hebben.

Kom. Kop op, Siffer, stop met je zelfbeklag. Werk aan de winkel.

---

Een paar uur later, nadat ik nog wat bijgeslapen heb, gaat het al veel beter.

Ik denk aan de Amerikaanse man die in Kao Lak met z'n zoontje in een kano langs Mercator kwam peddelen, even aan boord was, en dan vanuit Los Angeles dagen en dagen via de meest onmogelijke kanalen probeerde te weten te komen of wij nog leefden. En traagjes begin ik te merken hoeveel mensen die eerste uren, tot we een teken van leven konden geven, naar ons op zoek waren. Via weblogs, internationale sites, telefoons wereldwijd. Dank allemaal. We zien jullie ook graag.

Het was een vreemd oudejaarsavondfeest. Aan klaptafeltjes op het strand. Geen muziek. Geen vuurwerk.

---

En dan mailt Pascaltje "Het is niet voor 't een of 't ander, maar honderdduizend euro, besef je wel welke prachtige Volvo's je daarmee voor jezelf én voor Els kan kopen als je terugbent? Denk toch eens na hé, voor je al dat geld daar afgeeft... Immer bezorgd om je rijplezier!" Goeie grap van iemand die pas een bedrag ter waarde van vier zilveren sportvelgen gestort heeft. En dan mailt Guillaume: "Goed gedaan. In plaats van dat restaurantje kunnen jullie nu een Beach Palace neerzetten. Niet doen."

En ik kan alweer lachen.

   

 

 

Zondag 2 januari - Dag 881 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Deze zin schrijf ik exact een week nadat de tsunami onze baai verwoestte. Ik weet intussen dat ik tsoenami moet schrijven maar ik gun die ramp zijn juiste schrijfwijze niet. Dit is dus mijn middelvinger omhoog: tsunami.

De VRT kwam weer langs, deze keer om een verslagje te maken over Luna voor het Ketnet-journaal. Wordt pas na dinsdag uitgezonden. Het mooiste zullen jullie niet op televisie zien: het hoofd van de afdeling buitenland van het VRT-journaal die in zijn onderbroek mijn kind staat te interviewen. (Ik heb een schitterende foto daarvan, maar mag hem niet op het net zetten van Els. Vanaf nu per opbod te koop op Ebay.) De rit met Buut van de wal naar Mercator was een nogal natte bedoening, vandaar.

En verder? Vandaag namen Els en ik een dagje vrijaf. We waren er aan toe. Eindelijk was de vrouw van mijn leven bereid eens naar de markt te gaan. We wandelden hand in hand langs het strand van Rawai en daar ging alles zijn gewone gangetje. Het is zondag dus zitten de Thai op matten die op betonnen vloeren gelegd zijn onder bomen bij het strand. Aan de andere kant van de straat staan voedselstalletjes. De perfecte picknick: toch op de grond zitten, maar wel bediend worden.

In 'onze' baai, Nai Harn, lagen al een paar toeristen te zonnen. Enkelen lieten zich masseren. Er stonden misschien tien huurstoelen, vorige week waren dat er een paar duizend. Als het toerisme niet terug op gang komt is dat een tweede ramp voor Thailand.

Chai is te weten gekomen dat ik over vijf dagen verjaar. "Then we have party in restaurant, Thomas, ok?" Ik ben geneigd hem te geloven. De binnen- en buitenmuren staan er nu ook al.

   

 

 

Maandag 3 januari - Dag 882 - Nai Harn - Phuket - Thailand

De wonderen zijn echt waar de wereld nog niet uit. Een halve kilometer van het strand van Ao Sane, op zestien meter diepte, kapot tussen rotsen, vond een duiker vandaag een weggespoeld kastje. Het was de moeite niet het boven te halen, maar hij tastte er toch even in. Er zat alleen een klein zakje in. En in dat zakje... Je had Chai moeten zien toen hij het overhandigd kreeg. De trouwringen van hem en zijn vrouw. En... zijn geluksbrengertje dat hij van zijn grootvader gekregen had.

Ik heb veel geglimlacht vandaag. De vaste kern westerlingen blijft hard werken. Zelfs ik verrichtte vandaag terug slavenarbeid, helemaal tegen mijn natuur in, maar wat wil je, ik kan niet meer het excuus bovenhalen dat ik in het cybercafé een inzamelingsactie moet runnen. Het werk gaat vooruit als een ontspoorde trein die een vallei indendert. Er waren extra veel Thai vandaag, ook veel vrouwen die hier blijkbaar het metselwerk doen. Alois, een dikke Duitse ingenieur die hier al vele jaren komt, vertrekt morgen en wilde vanavond op 'zijn' banktafel op 'zijn' terras eten. Dus werkten we ons allemaal het pleuris om de zeewering af - en het terras op niveau te krijgen. 's Avond stond de loodzware tafel er en kregen we king prawns en kip en vis en groenten en het houdt niet op voorgeschoteld.

Ik heb ook veel geglimlacht omdat ik vanuit de Lage Landen zoveel hartverwarmende mails blijf krijgen, en veel wijze raad ook. Onder andere van Miel, een maat van me die al 21 jaar in het verdelen van noodhulp zit en die me op het hart drukte dat we goed bezig zijn. En van Guillaume alweer, een brief die ik hieronder zet.

Toen Els terugkwam van het hospitaal waar ze met Luna een lading kleren gaan brengen was, stortte ze in. Ze huilde schokkend op mijn schouder. Ze had de muren en muren vol oproepen gezien van mensen die hun vermiste vrienden of familie zochten. Daar was ze kapot van.

Eigenlijk is dit alles een formidabele ervaring. Rondgaan met schalen fruit en zien dat de Thaise werkers maar niet kunnen geloven dat een falang hen bedient. Eindelijk een keer mijn vooroordelen voor Duitsers zien wegsmelten. Wérken dat die mannen kunnen! En met een dertig-, veertigtal mensen van alle nationaliteiten druk bezig zijn en niet één keer meemaken dat iemand naar werk moet vragen, een bevel moet geven, in de weg loopt, een foute opmerking geeft, klaagt dat zijn truweel weer verdwenen is. Nee, echt waar, het is vreemd hoor, maar alles loopt uitermate gesmeerd. De olie die daarvoor zorgt heet 'goeie wil', denk ik.

En het kroontje werd op de dag gezet door Arun, de burgemeester van Rawai, met wie we tot laat 's avonds vergaderden over het te verdelen geld en die ons commité verblufte met een perfect voorbereid dossier zodat we in geen tijd zeer concrete afspraken konden maken en erg hoopgevende besluiten konden nemen. Zie hiervoor het hoofdstuk 'Ao Sane' onder 'Wat voorafging'.

Stand van zaken op het kernproject Ao Sane: de muren zijn allemaal gezet en bijna allemaal bezet, de vloeren zijn gegoten, de bar is klaar, morgen worden de keuken en de toiletten afgewerkt. Kijk, ik vind dat nogal ongelooflijk.

Het was een prachtdag op ons kleine eilandje in de woestenij. Dat klinkt misschien vreselijk maar sorry, het is zo.

   

 

Tussendoor - Guillaume

Dit is een primeur. Ik laat iemand anders aan het woord.

Beste Thomas,

Wat Els zegt, er kwam een grote golf en wij ruimen wat rommel op, dat zijn wijze woorden. Een mens doet wat een mens kan doen. Een Indische visser zei op het journaal een gelijkaardig iets. Hij is niet boos op de zee. De zee heeft hem veel gegeven. De zee neemt nu iets terug. Omdat we de wereld niet kunnen vatten gaan we snel alles herleiden tot de schaal van onze eigen denkvermogen. Alles wordt vervormd. We kunnen er niet bij. We storten wat geld of een beetje beton en we vragen ons daarbij af of we nu de wereld redden. Domme vraag. Er kwam een grote golf en we ruimen wat rommel op. De aarde geeft, de aarde neemt. Wij moeten daar niet te druk over doen. Els heeft gelijk. Die visser ook. Het is geen grote ramp. Wij zijn kleine
wezens. Lig er niet van wakker. Ruim op en ga verder. Je doet het goed. En als Will en Steve vragen stellen over het gedoe op televisie, dan zeg je maar. De pers geeft, de pers neemt.

Guillaume

   

 

Dinsdag 4 januari - Dag 883 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Vanmorgen was er niet één falang (vreemdeling) aan het werk. Dat begrijp ik. De meesten van hen zitten op hun tandvlees, allemaal hebben ze recht op een moment van rust. Vergeet niet dat dit hun vakantie is. (Vrijwel iedereen die in Ao Sane een bungalow huurde is gebleven om 'hun' restaurant te helpen heropbouwen. Mooi. De meeste yachties, uitgenomen Steve, hebben sinds enkele dagen afgehaakt en maken zich gereed om verder te zeilen.) Het moment is ook gekomen waarop we de hele zaak terug in handen van de Thai kunnen en moeten geven. We hebben iets gedaan wat ik onmogelijk achtte. In een week hebben we een restaurant en meteen een oneerlijke situatie rechtgezet, plus de factuur ervan opgepikt. Niet alleen het wérken maar vooral het sàmenwerken was een bijzondere ervaring. Nu is het aan Chai, zijn personeel en zijn ploeg bouwvakkers om de zaak af te werken. Chai ging vandaag overigens wat speervissen.

En ik, tjah, ik moet nog veel geld uitdelen. Jullie geld. Maar dat lukt me wel.

En dan moeten Els en ik dringend weer aan ons eigen leven beginnen. De klok van onze reis is stil blijven staan. Waar gaan wij nu naartoe, wat doen we met de rest van onze reis, wanneer beginnen we Luna weer les te geven? Geen idee. Wat ik wel weet is dat wij dringend inkopen moeten doen, de water- en dieseltanks moeten bijvullen, de was moeten laten doen, enzovoort, want voor ons ligt toevallig de Indische Oceaan en daar moeten wij overheen zeilen.

----

Ik bewonder mijn vrouw. We staan op de luchthaven en zij windt zich op. "Nee, nee, nee, ik doe daar allemaal niet aan mee", zegt ze. Ik zie Désiré Naessens bleek wegtrekken. "En als je denkt dat ik in beeld ga komen, dan mogen jullie dat ook vergeten." Ik zie de vier stoere mannen van Reporters in elkaar krimpen. "Jamaar Eva", probeert Désiré die de schoonbroer en in vele gevallen een kloon van zijn leermeester Paul Jambers is: "Wij zijn helemaal hier naartoe gevlogen om over jullie een reportage te maken!" - "Wel, ik vind onszelf daar niet interessant genoeg voor en ik heet Els, niet Eva." Baf. Stilte. Désiré had voorgesteld dat we de overhandiging van het geld tot morgen zouden uitstellen. "Want", legde hij uit met zijn sonore stem, de grootvaderlijke handbewegingen en het naar je toe buigen van iemand die de hoogste punten haalde in de lessen dictie en voordracht: "Want ik zou in de reportage eerst een drietal minuten naar jullie op zoek gaan en dan zou ik jullie vinden in de baai en dan..." - "Ah, jullie willen een soap maken? Is dat het? Een soap? Dan moet je bij Martine Jonckhere zijn, niet bij mij." Ja, ze was in vorm, die vrouw van me. En ik maar achter haar rug mijn lippen tuiten en mijn ogen sluiten ten teken dat alles wel in orde zou komen. Désiré gooide nog verdacht veel woorden als 'sereniteit' en 'wederzijds vertrouwen' en 'doorleefd respect' in de kring, maar het feit blijft: de ploeg van VTM was zes minuten geleden geland en haar reportage liep niet echt vlotjes.

Arun, de burgemeester, had een chauffeur en een gewapende politieagent in burger ingeschakeld om het geld op te halen want met zo'n kapitaal rijd je hier niet zomaar rond. In de enige bank die zo laat nog open was geraakten we het teleurstellend kleine stapeltje papier echter niet kwijt. Dus brachten we het naar een vriend van Arun die ons meetroonde naar zijn slaapkamer waar hij een kluis had staan. "En ik heb vier revolvers!", stelde die man ons gerust alhoewel zijn zoon een kwartiertje moest zoeken voor hij de sleutels vond van het kastje waarin die revolvers lagen. 'De man die sneller schiet dan zijn schaduw' zou hij nooit worden. Dat probleem werd eenvoudig opgelost: er werden twee politiemannen opgetrommeld die voor het huis de wacht zouden houden.

"Ik denk dat je ze het wel duidelijk gemaakt hebt", zei ik tegen Els toen we rond middernacht eindelijk in bed geraakten. En ik moest erg lachen. Maar ja, met mannen die door Jambers afgericht werden weet je het nooit. Wij zijn gewoon als de dood dat wij zouden afgeschilderd worden als een soort wilde weldoeners, als een combinatie tussen Sinterklaas en G.I.Joe die hier de arme mensjes eens komen redden. Neen, de helden van dit verhaal zijn de Thai. Wij mochten gewoon in hun rampenfilm meespelen.

Maar goed, ik heb wel vertrouwen in Désiré Naessens. Ik weet dat hij met de beste bedoelingen hier naartoe gekomen is. Ik heb zelfs een beetje medelijden met hem. Niet veel. Een beetje.

   

 

Woensdag 5 januari - Dag 884 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Met Désiré Naessens van De Reporters (VTM) de hele dag op stap geweest. Terwijl ik maar de pompier was en jullie de waterkraan hebben opengedraaid. Ik hou er een ambigu gevoel aan over. Drie dagjes in een cybercafé je best doen en alle Vlaamse en Nederlandse media hangen aan je telefoon. En dan nog een paar dagen je handen uit de mouwen steken op de werf van een vriend, en je lijkt een held.

Ik ben niet bijzonder. Wat wij gedaan hebben is het wel.

   

 

 

Donderdag 6 januari - Dag 885 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Erg mooie dag. Vandaag mocht ik een kleine vierenhalf miljoen Baht uitdelen. (Zie 'Oa Sane' onder 'Wat voorafging' voor financiële details.) Bijwijlen was dat een zeer emotionele bedoening. Mijn topper waren de 31 massagemadammen die ik één voor één een enveloppe met daarin twintigduizend Baht mocht geven. Achteraf beloofden ze mij allemaal een gratis massage. Yihaa! Alhoewel ook hoog op mijn lijst van topmomenten de vier assistentes van Arun staan die in zijn bureau het geld telden en er de enveloppes mee vulden. Voor Luna was onze bodyguard een topper, een gewapende politieagent in burger die geen moment van onze zijde en van onze rugzak propvol geld week.

Vanmorgen besteedden we enkele uren aan het wisselen van 105.000 Euro. Jammergenoeg blijft de Euro de laatste dagen zakken ten opzichte van de Baht, zodat we slechts - nu ja, slechts - 5.379.150 Baht in ruil kregen.

Vervolgens haastten we ons naar het gebouw van de Rawai Subdistrict, het plaatselijke stadhuis, om ons voor te bereiden op de verdeling van het geld. Dat was werkelijk tot in de puntjes voorbereid.

De ene groep na de andere kwam de grote vergaderzaal binnen om een heropstartpremie in ontvangst te nemen. 31 massagemadammen, 15 shop- en restauranteigenaars, 12 strandstoelverhuurders, 220 vissers met beschadigde boten, en dan nog enkele individuele gevallen. Die kregen hup, rechtstreeks het geld in hun handen en konden dezelfde dag alweer aan de rest van hun leven beginnen. In het begin wilde ik de enveloppes niet zelf uitdelen en bleef ik hardnekkig achteraan in de zaal zitten, maar ik begreep al gauw dat het eigenlijk ongepast is om enerzijds een fortuin in te zamelen en anderzijds tegenover de Thai te doen alsof dat allemaal maar peanuts is. Dus ben ik maar vooraan gaan staan om iedereen plechtig zijn startgeld te overhandigen.

Meer dan driehonderd Thai hebben met hun handen als in een gebedje tegen elkaar voor me gebogen. Dat nederige gebaar gaf me een beetje de kriebels, ik leek wel een bisschop, maar ik heb eerlijk gezegd wel érg genoten van de pure blijdschap van die mensen. Geld geeft hoop. En mens, wat hou ik van die Thai.

Het aantal interviews dat ik de laatste dagen gegeven heb kan ik niet meer tellen. Vandaag werd ik geïnterviewd door drie Thaise televisiestations, enkele kranten en de radio. De Nederlandse pers heeft me nu ook gevonden, in België haal ik zelfs Story en Het Wekelijks Nieuws. Eigenlijk is dat absurd. Je zeilt twee derde van de wereld rond en daar kraait geen haan naar, en dan opeens zit je drie dagen in een cybercafé om wat geld in te zamelen en je bent Superman.

En Ao Sane? Elf dagen nadat het met de grond gelijk gemaakt werd was ons restaurant vandaag weer een echt restaurant. Met een menukaart en met verrassend veel klanten en met zoveel sfeer dat je het in pakjes had kunnen doen en op de markt had kunnen brengen. En nog maar een keer kregen we een berg heerlijk eten voorgeschoteld. Na lang aandringen mochten we daar zeshonderd Baht voor betalen. Ik heb de ploeg van Reporters verplicht 2.500 Baht te geven.

Want ja, die mannen plakken ons ook nog altijd op de huid. De symbiose is... Niet gemakkelijk. Maar ja. De pers geeft, de pers neemt.

   

 

Vrijdag 7 januari - Dag 886 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Dag drie met VTM. We filmden vandaag het puin van Nai Harn. (Eergisteren bezochten we Patong, wat voor mij eerlijk gezegd schokkend was. De ravage daar is een exponent van de verwoesting in onze baai. Vreselijk. Maar de arbeid die er verricht wordt geeft hoop.) Ik hoop dat het een reportage wordt over de Thai en niet over ons. Maar je hebt het niet in handen. Ik dacht dat de moderne reportagemakers enkel registreerden, maar er komt blijkbaar veel regisseren aan te pas. Elke reporter kan zo het verhaal vertellen dat hij voordien in zijn hoofd had, uiteindelijk zijn wij daar dan slechts de invulling van. Met de opnames die we de laatste drie dagen gedaan hebben kan Désiré alle kanten uit. Ik hoop dat hij de juiste richting kiest. Ik denk het ook wel.

"Als wij meer dan vijf minuten lang in beeld komen doe ik je een proces aan", dreigde Els vandaag nog tegen de ploeg. Laten we het erbij houden dat mijn vrouw het hen niet gemakkelijk gemaakt heeft.

In Ao Sane werden de gloednieuwe koelkasten en de diepvrieskisten geleverd. Els wilde persé nog enkele palen schilderen. Het zal lastig worden om af te kicken.

En nu ga ik mijn verjaardag vieren. In Ao Sane.

   

 

 

Zaterdag 8 januari - Dag 887 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Zo wil ik nog honderd keer éénenveertig worden. Mens, wat is dit tsunami-avontuur toch een roetsjbaan van emoties en wonderlijke momenten.

Het was onvermijdelijk natuurlijk. Onze vrienden van Ao Sane kwamen met een verjaardagstaart aandragen...

Ze hadden zich al uitgesloofd om mijn vrienden en mij het ene feestelijke gerecht na het andere voor te schotelen. Vissen die Will die namiddag geschoten had op verschillende wijzes bereid, mossels in heerlijk nat, scampi in zoetzure en in pikante saus, kippensoepje... Verzin iets en het werd op onze tafel gezet.

Arun was er ook. Gisteren was ik blij dat hij me niet het onvermijdelijke diplomatische geschenk overhandigde, de plaatselijke tinnen schotel of zo, met een speech erbij en een applausje van de hooggeachte aanwezigen achteraf, je kent het. Nu gaf hij me een mooi keramieken potje, prachtig met de hand beschilderd.

Van Will en Fiona had ik een door Will zelf gemaakt kunstaas gekregen waarmee ik gegarandeerd dorado zou vangen, je herinnert je misschien dat ik de enige zeiler op de oceanen ben die er nooit in geslaagd is zo'n vis aan de haak te slaan.

Mick, een goeiïge Deen die zich samen met ons vanaf dag één in het bloed en het zweet gewerkt heeft, die Mick had me al gezegd dat hij schrijver was. 'Jaja', dacht ik en ik stond er verder niet bij stil omdat je de horde wensdromers niet te eten wil geven die van zichzelf zeggen dat ze schrijver of acteur zijn maar op dat gebied nog alles te presteren hebben. Welnu, die Mick bleek Ib Michael te zijn en die gaf me zijn laatste roman waarover The New York Times Book Review en Time magazine ravisante kritieken geschreven hadden.

Van Els en Luna kreeg ik een nachtje in Baan Krating, het mooie hotel naast Ao Sane. Laten we aannemen dat dat nogal lijkt op de elpee van Led Zeppelin die je vroeger aan je moeder gaf.

En die taart, die was onvermijdelijk. En verschrikkelijk. Want er stond een eetbare showbissfoto van me op afgedrukt. In een hart. Met rode suikerrozen errond. Angstwekkend lelijk. Chai boog zich over mijn rug heen en duwde vier kaarsjes in mijn keel die hij onmiddellijk aanstak. Enzovoort. Happy birthday to you... Je kent het.

Op die taart stond een poppetje van Musti. 'Er zit iets onder voor je', zei Chai na het kaarsen uitblazen. Ik hief het poppetje op. In de crème frèche zag ik goud blinken. Een ring? Met de punt van mijn mes viste ik inderdaad een gouden ring uit de taart.

En dan... Kippenvel. Fuckgodallemachtig. De geluksbrenger van Ao Sane! Chai had zijn tand van een reuzengrote sidderrog, die enkele dagen geleden samen met zijn trouwringen als bij godswonder diep in de zee teruggevonden werd, in een gouden ring laten zetten. Voor mij.

Voor ons. Voor iedereen die de actie gesteund heeft.

"For luck", zei Chai en ik kon hem alleen tegen mijn lijf trekken en een berenknuffel geven.

Qua symboliek kan het tellen natuurlijk. Een Thais restaurant wordt door een tsunami weggeveegd. Niemand raakt daarbij zelfs nog maar gewond. Onmiddellijk trekt zich een bijzonder soort internationale noodhulp op gang. Geen twee weken later draait het restaurant al weer. Intussen wordt de geluksbrenger van de eigenaar van dat restaurant ver en diep in zee teruggevonden. Het is natuurlijk dàt object dat Ao Sane heeft beschermd. En om het hoofdstuk af te sluiten krijgt een man die met vrouw en kind nog enkele oceanen en zeeën moet oversteken de roggetand van Chai, de geluksbrenger van Ao Sane .

Overigens is het misschien wel de lelijkste ring die ik ooit gezien heb. Maar ook het mooiste cadeau dat ik ooit kreeg.

---

Vandaag bracht ik met Sop, die zich aan het ontpoppen is tot mijn persoonlijke assistent en raadgever in het 'Ao Sane Project' en die van Chai vrijaf met behoud van loon krijgt zolang wij samenwerken, een bezoek aan een grootmoeder die haar dochter en enige kostwinner door de tsunami verloren heeft en die nu met het weeskindje alleen achterblijft. Dertigduizend Baht moet volstaan voor een jaar eten en schoolgeld. Het is geen langetermijninvestering voor een bedrijfje, dat weet ik, maar ik ben ook maar een mens. ('Hier zijn nog twee mensen overleden', zegt Sop als we langs een verwoeste wijk rijden, 'Maar die worden door hun familie opgevangen.' Mijn ploegje adviseurs is perfect mee met de bedoeling van onze actie. Steun geven waar het nù levensnoodzakelijk is.)

Achterop het brommertje van Sop lijk ik een beetje op de paus. Veel mensen zwaaien naar me. Ik ben die falang die zoveel geld uitdeelt en die op alle zenders te zien was. Vooral als we langs Rawai Beach rijden ben ik Populaire Stef.

   

 

Zondag 9 januari - Dag 888 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Twee uur hard doorrijden naar het noorden ligt het vissersstadje Nam Kem. Làg! Làg het vissersstadje Nam Kem. Nu is er een atoombom op gevallen. Of in moderne termen heet dat: nu is er een tsunami over gegaan. Minstens de helft van de vijfduizend inwoners is er dood. Nog duizend mensen worden vermist. Herlees dit, en neem dan je tijd om je in te beelden dat bijvoorbeeld Nieuwpoort weggeveegd wordt, de meeste Nieuwpoortenaars inclusief. En wie overblijft...

Laat ik ons verhaal echter bij het begin beginnen.

Sop belde ons terwijl we het anker lichtten om in Ao Chalong water en diesel te gaan tanken. Will en Fiona hadden net afscheid van ons genomen. Die laten Nai Harn achter zich. De baai loopt leeg. 'We gaan naar Nam Kem!', zei Sop en Els en ik haastten ons naar het land.

Geld tellen en in enveloppes steken in het gebouw van het subdistrict Rawai, dat hadden we al gedaan. Aan 496 mensen zouden we elk 2.000 Baht geven.

De delegatie waarmee we reisden was indrukwekkend. Vier vissers van Rawai Beach stonden erop mij te begeleiden, sinds wij hun gemeenschap hielpen beschouwen zij mij als een soort bloedbroeder. De vrouw en schoonmoeder van Arun wilden ook helpen. Chai ging mee. En Sop. En een maat van Arun. Plus Els natuurlijk. We waren met veertien. Twee pick-up trucks werden volgeladen met honderden liter drinkwater die we onderweg bij hulpposten deponeerden.

Overal verwoesting. Telkens de weg langs de kust kwam was de ravage onvoorstelbaar. Maar! Maar er wordt hoopgevend hard gewerkt. Overal heeft het leger kampen opgeslaan, overal zijn zware machines aan het werk, overal branden vuren, overal liggen bergen geruimd puin. Overal ook staan tenten waar passanten hun ingezamelde goederen aan enthousiaste vrijwilligers kunnen afgeven: voedsel en kookvuren en water en matten en medicijnen en... Alles.

Kao Lak. Daar waren wij dus geweest. Dat kennen jullie van de beelden. Het was echt schokkend. Ik was er niet goed van. Els deed niet anders dan huilen. Ik stapte slechts uit om het restaurant te fotograferen waar wij laatst met Jan en Lien een dineetje hielden. Verwoest. Zoals alles daar. Eén beeld vergeet ik nooit. Anderhalve kilometer landinwaarts lag een schip van de Thaise marine. In een bos. Beeld je de kracht van water in die een loodzwaar schip anderhalve kilometer verder neerzet, en onderweg over hotels, huizen, winkels, een hoofdweg en honderden mensen walst. Pure horror.

We reden door een oorlogszone, een platgebombardeerde strook land, een oord van dood en ellende, waar overal, overal, overal hard gewerkt werd met enorm materieel. We zagen veel kampen voor daklozen. In het district waar wij naartoe gingen was de bedrijvigheid deugddoend. Bijna als een kermis van hulp, een festival van goeie wil.

In het kantoor van de plaatselijke subdistrictscommissaris scheurden we onze enveloppes weer open want we zouden niet iedereen tweeduizend Baht kunnen geven. De lijsten met slachtoffers die ons beetje steun nodig hadden werd nog afgewerkt. Het zouden er 988 worden. Allemaal geteld, gecontroleerd en gecheckt. Allemaal mensen die alles (àlles!) kwijt waren, inclusief grote delen van hun familie en vriendenkring, en die nu vanuit kampen hun leven moeten zien herop te bouwen.

Nam Kem. Van Nam Kem kun je alleen proberen je een voorstelling te maken als je er honderd foto's van Hirosjima bij neemt. En dan nog. Een vissersgemeenschap is er... Welke woorden kies je daarvoor? Weggeveegd? Verwoest? Dat klinkt te zwak.

Wij, wij zouden het restaurant van ao Sane helpen rechtzetten. Dat was zo geflikt. Toen wilden we de economie in de hele baai van Nai Harn helpen heropstarten. Is ook gelukt. Dankzij massale steun uit België en Nederland konden we zelfs tweehonderdtwintig vissers van Rawai Beach een ferme duw in de rug geven en enkele mensen buiten onze zone helpen. Maar nog steeds was er geld over.

We hebben ons uitgangspunt ('langetermijn denken door economische netwerkjes te steunen') met een stevige hand uitgezwaaid. We zijn op het terrein van de dringende eersteplansnoodhulp gaan stappen.

We hebben - in coördinatie met de officiële instanties - 988 mensen elk duizend baht gegeven, in ruil voor hun identiteitskaart die ze vooraf afgegeven hadden. Zelden heb ik de uitdrukking 'een druppel op een hete plaat' zo nadrukkelijk gevoeld. Geld uitdelen begot. Als een soort Kerstman. Maar met duizend Baht koop je hier wel zeventig kilo rijst, of vijf plastic stoelen, of twintig vierkante meter golfplaten. Dus...

Dus hebben we uren en uren aan een stuk namen afgeroepen, identiteitskaarten gecontroleerd en geld uitgedeeld. Stom maar fantastisch. Kortetermijngedoe maar ontzettend nodig. Anders zouden die 988 mensen niet een hele namiddag in de gloeiende hitte blijven zitten zijn voor het enige huis in Nam Kem dat nog rechtstaat, op een desolate vlakte waar niet zo lang geleden hun gave en goed stond. Hun huis, hun thuis. En waar hun moeder, vader, dochter, zoon, broer of zus nog leefde. En de mensen bleven rustig wachten toen een oneerlijk heftige regenbui iedereen deed klappertanden. En ze stonden er nog toen het donker werd.

En toen was mijn geld op. Jullie geld is op.

   

 

Maandag 10 januari - Dag 889 - Nai Harn - Phuket - Thailand

"Keppe", vraagt Els, "Hoe lang gaat dat nog duren voor jij mij gaat verlaten?" Zij is in haar blootje de voorraadbakken aan het volstouwen. Ik stop met schrijven, zucht en zeg: "Pfff, euh... Wil je dat nu al weten? Word je daar niet liever op het moment zelf mee geconfronteerd?" Ze lacht. En zegt: "Nu misschien al, dan ga ik je nog meer verwennen als het bijna zo ver is."

Het zijn jullie zaken niet maar ja, wij delen hier alles dus durf ik jullie wel te zeggen dat het de eerste keer was sinds de tsunami dat Els en ik... Euh, neen, het zijn inderdaad jullie zaken niet. Maar goed, het is wel een duidelijk teken dat we na twee weken waarin we voor Thailand leefden nu eindelijk ons eigen leven terug aan het oppikken zijn.

Vanmorgen deelden we de laatste zestigduizend Baht uit tijdens een plechtigheid waarbij onze vrienden van het subdistrict Rawai opeens in uniform met gouden epauletten en veel versierseltjes opdaagden. Lachen!

Daarna haalden we onze maatpakken, overhemden en rokken op bij de kleermaker. Vervolgens lunchten we bij onze vissersvrienden van Rawai. Dan deed ik nog een interview en fotosessie met een krant uit Bangkok. (Ik ben eindelijk wereldberoemd!) Toen ging ik een beetje in onze dierentuin en ons natuurdomein werken. Die hangt en leeft onderaan Mercator. En tenslotte... O ja, neen, ik ging erover zwijgen.

Luna is gisteren bij Ni en Tao gaan logeren. Luna sliep bij Ni in bed, Tao op de vloer ernaast.

In Ao Sane is alles als vanouds. Elke avond zitter er iets meer toeristen. Wij, die sinds de tsunami meestal samen met het personeel aten, bestellen nu weer gewoon van een menu, genieten van het eten en betalen mooi de rekening. Dat geeft een formidabel gevoel.

Het is alsof de tsunami hier nooit heeft toegeslaan.

   

 

Dinsdag 11 januari - Dag 890 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Een orkaanwaarschuwing boven Sri Lanka zorgt ervoor dat wij wat meer tijd hebben om ons op de oversteek van de Indische Oceaan voor te bereiden. Will en Fiona bestuderen vanuit een andere baai de weersvoorspellingen en zullen het startschot geven.

Vanaf morgen zijn we illegaal in Thailand. Ons visum loopt over enkele dagen af en ik heb ons nu al uitgecheckt. De immigratieofficier had het ferm in de smiezen dat ik mijn visum een maand geleden met een hele reeks valse Thaise en Maleisische stempels had laten verlengen door een collega die zich had laten omkopen. (Vraag me geen details. Het is tegen mijn principes maar het moest even zo.) Hij plaagde me wat, deed me even zweten, maar zat me in feite alleen maar een beetje uit te lachen.

Vandaag op de set: nog een keer een Deense en alweer een Thaise televisieploeg. Onze prestatie is wereldwijd een voorbeeld van snelle heropbouw aan het worden. Chai is de ster.

Els en ik maakten vandaag flink ruzie. (Waarover? Geen idee.) Het beste bewijs dat wij ons leven inderdaad weer aan het oppikken zijn.
   

 

Woensdag 12 januari - Dag 891 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Eén van de twee huistempels van Ao Sane was door de tsunami stukgeslaan, Chai ging vandaag een nieuwe kopen en wij gingen met hem mee. Onderweg toonde hij ons stukken land die zijn familie verkoopt. Het blijft namelijk Els' droom hier zo snel mogelijk te komen wonen. Maar duur! Je kunt evengoed in Knokke wat bouwgrond aanschaffen.

In de namiddag zijn we er dan eindelijk in geslaagd water en diesel te gaan tanken in Ao Chalong, de baai aan de andere kant van Phuket. Dat stond al drie weken op onze agenda. Ons ankertouw en onze ankerketting waren verdubbeld in omtrek, er hing een smerige pak zeewier en schelpjes aan.

Nu de tanks en de voorraadkasten vol zitten en de administratie geregeld is ligt nog alleen dat diepe lagedrukgebied boven Sri Lanka in de weg van ons vertrek uit Thailand. Nu wordt de afreis uitgesteld tot zaterdag ten vroegste.

's Avonds zaten we aan tafel met Amerikanen die voor Bush gestemd hebben, ervan overtuigd zijn dat Irak moest aangevallen worden en bij hoog en laag beweren dat hun natie 'under attack' is. Moeilijk. 'Ja, Bush is een religieuze zeloot, maar die heb je nodig om een religieuze zeloot te bestrijden.' Ofte: een psychiatrisch patiënt moet je door een psychiatrisch patient laten verzorgen, kanker kun je het beste met kanker genezen en als in een café iemand met je wil vechten moet je vooral je boksbeugel bovenhalen. Slim.

En Luna, die verwaarlozen we al twee weken. Wat haar erg blij maakt. We droppen haar 's ochtends op het strand van Ao Sane, zij speelt er de hele dag met Japanse en Thaise kinderen, bestelt zelf haar eten en drank, en 's avonds verplichten we haar met ons mee te gaan slapen.

Gisterennacht werd ik wakkergebeld door Ingeborg van Eyeworks die mijn slapende hoofd liet weten dat de VTM-reportage over Ao Sane 'erg mooi' is. 'En Els komt er maar twee zinnen in voor!' Euh... Momentje. Betekent dat dat het twintig minuten lang over mìj zal gaan? Normaal ben ik niet vies van schijnwerpers maar deze keer houd ik mijn hart vast.

   

 

Donderdag 13 januari - Dag 892 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Met een diep rochel stuikte de vader van Chai voorover. De sinds eeuwen overleden monnik die in één van de twee huistempels van Ao Sane woont, en die nu een nieuwe woning had gekregen, had bezit genomen van diens lijf. Met heftig schuddend hoofd begon de vader van Chai een taaltje te brabbelen dat hij voordien niet kende, 'dat wat de maleisische muslims spreken', fluisterde Sop. De nieuwe huistempel werd ingewijd en daar was de monnik blij mee, liet hij via de heftig kwijlende vader weten. Hij legde uit dat hij de tsunami nog had proberen tegen te houden maar dat hij er alleen in geslaagd was iedereen op tijd te laten vluchten. Chai volgde gedwee de instructies van de vader/monnik op. Voor hem lagen heel wat offers, van een gebraden kip over alle mogelijke lekkernijen die de Thaise keuken kent tot een ijsgekoelde kokosnoot toe. Het eerste wat Chai moest doen was de bloemen die Luna gegeven had op het tempeltje leggen. Daarna werden heel wat kaarsen gebrand, een paar keer viel de vader van Chai om, enkele keren begon hij schokkend en bevend rond de tempel te dansen.

Achteraf moest de uitgeputte man met heel veel bier terug op adem komen.

O ja, nét op het moment dat de vader van Chai in trance ging, viel tientallen meters verder een niets vermoedende Ni van haar stokje. Zijn dochter. De vrouw van Tao. Die vrouw naast wie Luna in bed gelogeerd had. Een ander monnik was in haar lijf geschoten.

Het weer over de Indische Oceaan blijft te slecht om uit te varen.

   

 

Vrijdag 14 januari - Dag 893 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Mick, de Deense schrijver die één van de bouwvallige bungalowtjes van Ao Sane huurt, liep de hele dag zenuwachtig rond. Zijn vrouw kwam hem vervoegen. Om halfacht zou ze aankomen. Hij had verse lakens op zijn bed laten leggen en hij had de vloer drié keer geveegd. Hij had zich geschoren. Hij had een fles rode wijn klaargezet met een kommetje nootjes ernaast. Hij had bloemen geplukt. Mick was klaar om zijn vrouw te verwelkomen. Maar toen hij galant de deur van hun bungalow voor haar opendeed bleek zich nog iemand bij het feestcommité gevoegd te hebben. Een rat. Er zat een rat bij de nootjes. "Als ik het zo in een boek neerschrijf zegt iedereen dat ik lieg", lacht Mick.

Vanuit België krijg ik veel mails die zeggen dat de VTM-reportage over ons zeer geslaagd was, evenwichtig en informatief. ('En ik heb de hele tijd zitten janken', belde iemand ook.) Héhé, wat een opluchting.

Het is lang geleden dat we zo'n vakantiegevoel hadden als de laatste dagen. En het ziet er niet naar uit dat we hier de eerste dagen weg geraken.

   

 

Zaterdag 15 januari - Dag 894 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Het valt allemaal uit elkaar. Brandamajo (Will en Fiona) en Risqué Affaire (Dean en Hanna) zijn naar de Similaneilanden vertrokken om daar beter weer voor de oversteek af te wachten. Steve is met Put naar Langkawi, dat was een pijnlijk afscheid. Paul en Aja, Japanse juwelen van mensen die in Antwerpen wonen met Luna's vriendjes Jackson en Lana, die zijn naar huis terug. Alois en Ramona mailen ons vanuit Duitsland. Het zijn allemaal mensen die hun schouders tot bloedens toe onder de heropbouw van Ao Sane hebben gezet.

De meeste mensen die puin hebben geruimd en dit stukje wereld terug hebben rechtgezet zijn weer onderweg of gewoon naar huis. Hun plaats aan de houten banktafels in Ao Sane wordt ingenomen door luide Nederlanders en Duitsers. Ook de zeilers die tijdens de tsunami de baai uit vluchtten zien we opeens weer opduiken, zij hebben zich al die tijd in de twee jachthavens van Phuket verscholen. Gisteren riep een groepje Australiërs dat ze een 'Tsunami Afterparty' zouden organiseren 'Voor iédereen die het heeft overleefd!'. Haha! Wat een pret.

Waar waren die mensen toen er gewérkt moest worden?

   

 

Zondag 16 januari - Dag 895 - Nai Harn - Phuket - Thailand

Het is een klein gevoel maar het is wel een gevoel dat snijdt. Vanavond hield een Amerikaan, zoals hij elk jaar doet, zijn verjaardagsfeest in Ao Sane. Om de financiële gevolgen van de tusnami uit te wissen mocht iédereen op zijn kosten langs het buffet schuiven, als ze maar beloofden veel drank te bestellen en zo de kas van het restaurant te spijzen. Mooi, natuurlijk. Maar toch. Al die vreemde mensen in 'ons' restaurant...

Misschien wordt het nu wel echt tijd om weg te gaan.

Het was echter wel een mooie avond, met een vol huis, en met muziek en dans. Chai liep gekleed in een hemd met daarop het logo van Mercator. Luna is terug bij Ni en Tao gaan logeren.

Het zal pijn doen om morgen dit hoofdstuk af te sluiten.